Hoe is het met de visstand in en rondom de Biesbosch gesteld?

Wageningen IMARES stelt in haar jaarlijkse rapportages in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken vast dat diverse visbestanden al vele jaren een dalende trend laten zien. Hier is het laatste rapport te vinden. In het rapport van Witteveen+Bos dat betrekking heeft op een visstandbemonstering in het najaar van 2012 is hier te vinden. Daarin wordt gesteld dat er op grond van de lengte-frequentieverhouding er geen sprake lijkt te zijn van een te hoge visserijdruk.
Sportvisserij Zuidwest Nederland zet een aantal kanttekeningen bij dit rapport. Het belangrijkste is dat de rapportage van Wageningen IMARES de langjarige trends laten zien terwijl bij Witteveen+Bos slechts sprake is van een momentopname, die inmiddels ook bijna vijf jaar oud is. Ook Witteveen+Bos zelf benadrukt dan ook het grote belang om de visstand blijvend te onderzoeken mede op grond van aanlandingsgegevens. Die laatste gegevens ontbreken echter volledig. Sportvisserij Zuidwest Nederland werkt aan het inzichtelijk maken van de onttrekkingen van vis door sportvissers middels vliegtuigtellingen, enquêtes langs de waterkant en landelijke onderzoeken.

Naast de visstandonderzoeken zien sportvissers hun vangsten al jaren teruglopen. Dit ziet Sportvisserij Zuidwest Nederland niet alleen aan de grote hoeveelheid negatieve reacties ten aanzien van vangsten in het Benedenrivierengebied, maar ook aan de cijfers uit hengelvangstregistraties van (wit)viswedstrijden en grote (inter)nationale sportviswedstrijden in het gehele Benedenrivierengebied. Om de karperstand in het Benedenrivierengebied te verbeteren, heeft Sportvisserij Zuidwest Nederland de laatste jaren met hulp van tientallen vrijwilligers in totaal 10.000 kg karper uitgezet.